Motor Terminologie
Motorterminologie :
amerikaanse schroevendraaier : hamer
anker uitgooien : hard remmen
apenhanger : extreem hoog breed stuur
autoband : vierkant gereden band van iemand die alleen recht door gas geeft
bleirpijp : race uitlaat
bleirijzer : racemotor
boomklever : racemotor – worden regelmatig van rond de boomstam gehaald na een stuurfout
boulevardcruiser : custom waarmee alleen gereden wordt voor de show
bromtol : 50cc
buigen : op de grens rijden van wat je motor aankan
buikschuiver : race motor
burn-out : stilstaan met slippende achterband tot die begint te roken, zelfs klapt.
butsmuts : helm
condoom : regenoverall
demper : herinner je wat je zo snel mogelijk hebt vervangen door een open exemplaar?
dijkflatsen : hard over de dijk rijden
dodenseconde : eerste seconde van het groene (verkeers-)licht
donorfiets : snelle motorfiets
doorblazen : vol optrekken om de troep uit de uitlaat te blazen
dragracen : zo rap mogelijk 400 meter afleggen
driften : een bocht nemen waarbij het achterwiel zijwaarts schuift
etalageruit : erg groot plexi windscherm
frietsnijder : de steunpoten van een vangrail
fopspeencruiser : rijder die bij moeder blijft wonen om zijn hobby te kunnen bekostigen
gravelrash : uitzicht van de huid na een schuiver zonder voldoende beschermende kledij
gummen : agressief rijden waardoor de banden extra snel slijten
hangtieten : cylinders van een boxer motor
haleluya stuur : hoog stuur van een shopper
halve minuut : signaal om op te stappen bij het in groep rijden
ho-ijzers : remmen van een motorfiets
invalidenknop : electrische starter
jarretelaandrijving : tandriemaandrijving
jiffy : zijstandaard
kakstoel : chopper
kangoeroebenzine : slechte benzine waardoor je stotend begint te rijden
kinderbijslagbevriezer : chopper
klimrek : chopper met hoog stuur
kneedown : door de bocht met de knie tegen de grond (niks voor choppers)
klaverjakkeren : oerend hard telkens weer klaverbladbochten rijden
koekeblik : auto
koffiemolen : racemotor
koffierijder : motorrijder die meer op het terras zit dan op de motor
kruipolie getankt : motorrijder die steeds laatste is
leunstoel : chopper of custom
lultalie : microfoon van intercom
mobiele abortustafel : chopper waarvan het stuur hoog is zodat je moet reiken en waar de voeten op kniehoogte rusten
moraalridder : iemand met een idee over motoren die zelf niet kan rijden
motorengel : bevallige jonge dame op de duo zit
motormuts : vrouwelijke motorrijder
muggen : snel afstand overbruggen aan hoog toerental
okseldroger : chopper
olieboot : motor met hoog olieverbruik
op je plaat gaan : een schuiver maken
oproken : versneld laten verslijten van de achterband
penseknijper : niergordel
pinfiets : motor van minder dan 1000 €
pingewater : benzine
poezelen : rustig rondtuffen
potje knorren : stukje gaan rijden
pretpakket : tuningset
pruimentriller : damesbrommer
raceplee : scooter
ragbak : dof uitziende motor met gebreken waar de eigenaar nog steeds trots op is.
ratbike : verwilderde ragbak met een persoonlijke uitstraling door allerhande rommel. Lijken vaak op hun eigenaar.
remparachute : regenoverall
rent a snol : lekker vrouwtje achterop bij een oude motorrijder
rookdoos : tweetaktmotor
rubbertjes : banden
schaamrandjes : niet bereden deel aan de zijkant van de band
slaapzak : gewatteerde textielen motorjack
slinger : kickstarter
slipstreamen : vlak achter een vrachtwagen gaan ‘rijden’ om uit de wind te blijven (… niet doen…)
spijkerbak : machanisch geluid van een tweetakt
springschans : verkeersdrempel
stoppie : hard remmen zodat je achterwiel van de grond komt
straatexeem : schaafxonde na een schuiver
streetfighter : krachtige racemotor gebouwd met onderdelen van verschillende merken
strepentrekker : dragracer
tandjes poetsen : verkeerd schakelen zodat je tandwielen hoort kraken
tegenaankwakzak : airbag voor motoren
valfiets : crossmotor
vegen : bochten zo snel mogelijk nemen
verwarmde kinderzitjes : de twee uitstekende delen van een boxermotor
vijfentwintig KW-tje : helaas ben niet oud genoeg fietsje
week-end cowboy : iemand die alleen tijdens eek-ends en droog weer de motor gebruikt
wheelie : rijden op je achterwiel
xeroxen : een andere motorrijder of motorfiers na-apen
yoghurtbeker : motorfiets met volle kuip en felle kleuren
zandbrommer : off-road motor
zijspan : biertje met een borrel
zuigers als asbakken : grote cylinderinhoud
zuigervreter : motorblok waarvan de zuigers meermaals zijn vastgelopen
zwaantje : gemotoriseerde agent